Kleine ontwerpkeuzes met een grote betekenis
Het ontwerp van een gebouw en de inrichting van de ruimte beïnvloeden het gedrag en welbevinden van de gebruikers. De inbreng van een bevlogen architect kan verrassende keuzes opleveren met positieve effecten. In gesprek met Duzan Doepel, architect met een maatschappelijke missie. ‘Van betekenis zijn is het échte doel van ontwerpen.’
De fysieke omgeving beïnvloedt gedrag en welbevinden. Zo blijkt dat patiënten die uitzicht hebben op een groene omgeving sneller aansterken, dan degenen die op de parkeerplaats uitkijken. En blijken mensen hun fiets netjes binnen de lijnen te parkeren, als op de stoep een vlak is afgetekend. Voor onderwijshuisvesting geldt net zo goed dat het gebouw cruciaal is voor het welbevinden van medewerkers en kinderen. Volgens Duzan Doepel kun je het ontwerp zodanig inrichten, dat het gebouw een stimulerende uitwerking heeft op autonomie, ontmoeting en welzijn van de gebruikers. Hiertoe hanteert hij onderstaande ontwerpprincipes.
Drie ontwerpprincipes
In de projecten waarbij Doepel als architect betrokken is, speelt maatschappelijke toegevoegde waarde vaak een belangrijke rol. In zijn werk aan zorggebouwen, woonomgevingen en opvanglocaties hanteert hij drie ontwerpprincipes, die ook voor schoolgebouwen relevant zijn. Zijn benadering: ontwerp in co-creatie met de gebruiker, geef mensen controle en regie over hun omgeving en creëer routes en overgangen, waarin zowel aandacht is voor ontmoeting als afzondering.
1. Co-creatie met de gebruiker
Doepel gelooft in een user-centered approach: ontwerpen vanuit de ervaringen en behoeften van de eindgebruiker van een gebouw. Onder andere door het voeren van gesprekken verdiept hij zich in de gebruiker. Voor Het Dorp in Arnhem, woonomgeving voor mensen met niet-aangeboren hersenletsel, vormden deze inzichten de basis voor zijn ontwerp. Samen met bewoners heeft hij gewerkt aan oplossingen die hun zelfstandigheid ondersteunen. Zo ontstond bijvoorbeeld het idee van twee verschillende routes door het gebouw: een rustige, prikkelarme route en een route waar juist meer ontmoeting en activiteit plaatsvindt. Bewoners kiezen zelf hun voor dat moment prettigste route.
2. Geef mensen controle en regie over hun omgeving
Volgens Doepel is een gevoel van veiligheid nauw verbonden met een gevoel van controle. Mensen willen graag zelf invloed hebben op hun omgeving. Dit gaat over privacy, contact met anderen, maar ook over het zelf kunnen regelen van licht, temperatuur en geluid.
Daarom was in Het Dorp veel aandacht voor de overgang tussen individuele en collectieve ruimte. Bewoners hebben een eigen woning, maar ook een persoonlijke zone in de gang. Hier kunnen zij al dan niet contact met anderen aangaan. Woonlagen zijn bewust klein gehouden, zodat een gevoel van gemeenschap ontstaat.
Deze principes ziet Doepel terug in andere sectoren, zoals de asielopvang. Ook daar blijkt dat kleine ontwerpkeuzes grote invloed hebben op het gevoel van autonomie. Een plek waar iemand zich even kan terugtrekken, een alternatieve route om drukte te vermijden of de mogelijkheid om zelf licht te regelen: dit alles maakt iedere dag verschil.
3. Creëer routes en overgangen met aandacht voor zowel ontmoeting als afzondering
Een inclusieve omgeving is toegankelijk en maakt dat mensen zich welkom voelen. Je kunt je laagdrempelig onderdeel van een gemeenschap voelen. Als je dat wilt. Het gaat om het faciliteren van gedrag, niet om het voorschrijven ervan. Goede gebouwen bieden ruimte voor ontmoeting én rust, afhankelijk van de behoefte van de gebruiker. Dat kan met eenvoudige ingrepen. Een brede vensterbank, knusse buitenruimte of een ontmoetingsplek langs een looproute kunnen bijvoorbeeld spontaan contact stimuleren.
Voor onderwijshuisvesting ziet Doepel dat leerlingen behoefte hebben aan plekken waar zij samen kunnen werken, leren en spelen, maar ook aan rustige zones voor concentratie of even afschakelen. Een goed schoolgebouw voldoet aan beide behoeften.
Zo draagt het gebouw bij
Met deze drie ontwerpprincipes in het achterhoofd, creëer je een werk- en leeromgeving waarin zowel medewerkers als kinderen zich prettig voelen. Een gebouw dat aansluit bij de mens en ruimte biedt voor autonomie, ontmoeting en welzijn. Dat zijn de voorwaarden om goed te kunnen werken en leren. Ontwerpen? Het gaat vooral over van betekenis zijn!
Bekijk hier een korte opname van het interview met Duzan Doepel